Het onzichtbaar werk van vrouwen in platformeconomie en ander gelijkaardig flexibel werk
De opkomst van de platformeconomie, van zorg tot schoonmaak en kinderopvang, lijkt tewerkstellingskansen te bieden, maar in de realiteit versterkt ze vaak bestaande ongelijkheden. In een arbeidsmarkt waar flexibiliteit vaak synoniem is voor onzekerheid, worden vooral vrouwen richting precaire jobs geduwd: tijdelijke contracten, lage lonen, beperkte sociale bescherming en onvoorspelbare werkuren zijn steeds vaker de realiteit.
De arbeidsmarkt wordt steeds flexibeler, met bijhorende onzekerheid: precaire contracten, lage lonen, beperkte sociale bescherming en onvoorspelbarewerkuren zijn steeds vaker de norm. Vrouwen, en in het bijzonder vrouwen met een migratieachtergrond, zijn oververtegenwoordigd in dit laagbetaald en onbeschermd werk. Wat betekent dit voor hun arbeidsmarktpositie? En hoe zorgen we ervoor dat werk duurzaam en voldoende verloond is?
De arbeidsmarkt verandert en past zich voortdurend aan nieuwe technologische mogelijkheden aan. Deze evolutie mag echter nooit leiden tot een achteruitgang in arbeidsrechten of -omstandigheden. Technologie en innovatie moeten de kwaliteit van werk versterken, niet ondermijnen. Een overheid kan hierin actief optreden door gelijkheid, waardig werk en sociale bescherming centraal te stellen en daarbij de werknemer als uitgangspunt te nemen.

Aanbevelingen:
- De overheid moet bescherming bieden via duidelijke afspraken rond loon, werktijden en contractvoorwaarden, met voldoende garanties voor iedereen en in elke sector. Bescherming tegen exploitatie en misbruik is noodzakelijk, wat vraagt om effectieve controle door de arbeidsinspectie zodat inbreuken snel worden opgespoord en aangepakt. Vrouwen moeten de kans krijgen om op een veilige manier hun rechten op te nemen of hulp te zoeken, zonder angst voor represailles of verlies van werk.
- Ook werkgevers dragen verantwoordelijkheid. Vrouwen die werk zoeken, mogen niet dienen als buffer voor sectoren met personeelstekorten: de focus moet liggen op duurzame loopbanen, met correcte lonen, doorgroeikansen en bescherming tegen uitbuiting.
- Programma’s voor levenslang leren bereiken momenteel vooral wie al sterk staat op de arbeidsmarkt, waardoor de Mattheus-effecten worden versterkt: wie veel heeft, krijgt nog meer. Een inhaalbeweging is nodig, waarbij net de groepen met de grootste nood aan vorming prioriteit krijgen.
- Nieuwe digitale tools kunnen processen ondersteunen, maar mogen het persoonlijke contact nooit vervangen. In sectoren zoals de platformeconomie en de dienstenchequesector leidt digitalisering tot afstand: huishoudhulpen staan er steeds vaker alleen voor, zonder nabijheid van consulenten of begeleiding, wat isolement creëert. Daarom is het aangewezen om het budget dat vrijkomt door efficiëntie of subsidiëring opnieuw te investeren in nabijheid, begeleiding, vorming en welzijn.
- Ten slotte zijn vrouwen bondgenoten, geen toeschouwers. Het recht op waardig werk gaat hand in hand met het recht op een eigen stem, die wordt meegenomen in de vormgeving van de tewerkstelling. Vrouwen brengen ervaring en deskundigheid binnen. Betrek hen.
Lees het artikel van
Sophia Honggokoesoemo is stafmedewerker bij LEVL.
Fauve Peirelinck is inhoudelijk medewerker bij Furia vzw.
Sanne Coremans is beleidsmedewerker bij Netwerk tegen Armoede.
Flexibel werk duwt vooral vrouwen dieper in onzekerheid | De Wereld Morgen